Mink

Uiterlijk:
-
Hun vacht is meestal donkerbruin tot zwartachtig, soms met een witte vlek op de kin of borst.
-
Ze hebben een slank, gestroomlijnd lichaam, korte poten en een gespierde bouw, waardoor ze goede jagers zijn.
-
De vacht is waterafstotend, wat ze helpt bij het zwemmen.
Leefomgeving:
-
Ze leven oorspronkelijk in rivieren, meren, moerassen en bosrijke gebieden.
-
Ze zijn erg territoriaal en gebruiken geurmarkeringen om hun gebied af te bakenen.
Voedsel en jacht:
-
Amerikaanse minken zijn carnivoren en opportunistische jagers.
-
Ze eten vooral kleine zoogdieren, vogels, vis, amfibieën en soms insecten.
-
Ze jagen vaak 's nachts, hoewel ze ook overdag actief kunnen zijn.
Gedrag en voortplanting:
-
Ze zijn solitair, behalve tijdens het paarseizoen.
-
Het paarseizoen valt meestal in het late winter of vroege voorjaar.
-
Vrouwtjes krijgen na een draagtijd van ongeveer 40 tot 75 dagen (afhankelijk van diapauze, een soort slaapstand van het embryo) 3 tot 10 jongen.
-
De jongen blijven enkele maanden bij de moeder voordat ze zelfstandig worden.
Invloed op ecosystemen:
-
In Noord-Amerika horen ze thuis in hun ecosystemen, maar als ze worden geïntroduceerd in andere gebieden (zoals Europa) kunnen ze een probleem vormen, omdat ze inheemse soorten verdringen.
-
Ze zijn zeer aanpasbaar en kunnen zich goed vestigen in verschillende habitats, waardoor ze soms als invasieve soort worden beschouwd.
Overige feiten:
-
Amerikaanse minken zijn ook het dier achter de commerciële bontindustrie; hun vacht wordt erg gewaardeerd.
-
Ze zijn uitstekende zwemmers en kunnen lange tijd onder water blijven op zoek naar voedsel.
